Met de keuze voor 'De Producers' levert de Musical van Vlaanderen een merkwaardig tweede luik rond joodse cultuur af. In 'Fiddler on the Roof' zagen we de wederwaardigheden van joden in een Russisch getto. Op het einde vertrok de joodse familie en sommige leden trokken naar New York. Daar waren veel van deze immigranten verantwoordelijk voor een bloeiend theaterleven. De vele komieken gaven gestalte aan een bijtende, zelfrelativerende humor, die zo typisch is voor een grootstad. In dat New York is Mel Brooks opgegroeid. Hij behoort tot deze traditie, die onder meer stoelt op wilde parodieën. Zo kun je hem zien als opvolger van de Marx Brothers. Er zit dus bij Musical van Vlaanderen blijkbaar een hechte logica achter de programmatie.
Podium
Voor 'The Producers' is het allemaal begonnen als een film uit 1968. Mel Brooks had een verhaal bedacht over twee producers met een manklopende boekhouding. De jonge Leo Bloom (Jonas van Geel) ontdekt dat er maar één uitweg is: het maken van een flop. Zijn “ervaren” partner Max Bialystock (Koen van Impe) vindt dat een fantastisch idee en de twee gaan op zoek naar het slechtst mogelijk toneelstuk. Ze vinden dat bij een neo-nazi (Jan van Looveren) die het stuk ‘Lente voor Hitler’ heeft bedacht. De producers, ervan overtuigd dat ze hiermee een reuzeflop zullen hebben, gaan aan de slag. Maar als de musical op de planken komt, met in de hoofdrol Hitler , blijkt de productie aan te slaan. Dat succes maakt hen wanhopig,want nu moeten ze voor de rechter verschijnen. Ze worden prompt naar de gevangenis gestuurd, waar ze onmiddellijk aan de slag gaan met een nieuwe musical : ‘Prisoners of Lov’e. Eens ze vrij zijn, scoren ze weer een nieuw succes.
Het verhaal is een uitstekend voorbeeld van dwarse joodse humor. Alles wordt in het verhaal op zijn kop gezet – succes is een noodlot , slechte smaak maakt geld. De film is de meest geestige van Mel Brooks, die later erg ongelijke producten afleverde. Klap op de vuurpijl van ‘The Producers’ is natuurlijk de minimusical over Hitler – een voorstelling in de voorstelling die totaal niet politiek correct is.
Later in 2001 bedacht Mel Brooks dat hij van zijn film een musical kon maken. Hij schreef niet alleen de muziek maar ook de teksten. De musical werd een succes op Broadway, waar de voorstelling zo’n 2500 avonden liep.
Deze musical is nu te zien in Vlaanderen. Het is een grote productie, waar heel veel décor komt bij kijken. Daar de voorstelling tot op grote hoogte een kopie van de Amerikaanse is, zijn we voortdurend in New York – zowel in een klein kantoor als op Broadway zelf. De teksten zijn vertaald door Frans Van Deursen en vervlaamst door Stany Crets. Alle liederen liggen bijzonder goed in de mond, wat het plezier van het publiek alleen maar verhoogt. Alleen, met een geluidsversterking die minder zou inzetten op scherpe, hoge tonen, zou de verstaanbaarheid het plezier alleen maar kunnen vergroten.
De Australiër Martin Michel, als choreograaf volledig ingeburgerd in Vlaanderen, heeft de leiding van deze productie die drijft op afwisseling en energie. Alle grote shownummers worden met verve gedanst en gezongen en worden voortgestuwd door het swingend orkest onder de leiding van Alex Roosemeyers. Stany Crets heeft voor de Vlaamse spelregie gezorgd. Dat levert uitstekende prestaties op. De twee hoofdrollen hebben een helse taak, en die wordt schitterend tot een goed einde gebracht door Koen van Impe en Jonas Van Geel. Voor Koen Van Impe is het ongeremd schmieren als de verwaande producer. Op het einde van de avond in de song ‘Verraad!’ geeft hij een staaltje van virtuoos musicalacteren weg. Jonas Van Geel zie je in deze productie verder uitgroeien tot iemand met veel komisch acteertaltent, met een uitstekende stem en elegantie bij het dansen – al zal de scène à la Fred Astaire eerder als hommage te bekijken zijn. Maar dat de musicalscène er een uitstekend talent bij heeft, bewijst hij niet voor de eerste keer.
Podium
Ann Van Den Broeck leeft zich uit in een karikaturale secretaresse. Jan Van Looveren als neo-nazi Franz Liebkind blinkt uit in één van de beste, scherpste scènes van het stuk, waarin hij zijn naziduiven toespreekt. Helemaal verrassend is Gene Bervoets. Eerst is hij de meest nichterige regisseur van het westelijk halfrond in een zilverkleed – de humor van Mel Brooks is niet altijd fijnzinnig. Later is Gene Bervoets ook een overtuigende Hitler. De beide momenten hebben een zeer hoog camp-gehalte en Bervoets gooit er zich met zichtbaar plezier volledig in.
Zo is de musical ‘De Producers’ een avond toneel waar de energie vanaf spat. Het is alsof Mel Brooks zich geen tijd gunde voor enige reflectie. Alles gaat door de pletmolen van zijn oeverloze cynische kijk op de wereld. En met plezier schotelt hij ons een politiek totaal niet correct stuk voor. Maar zoals we zeiden, draait hij alles op zijn kop. De Hitlershow is een hilarische versie van een Marika Rökkfilm zoals de nazi’s die graag maakten. De beste aanval op Hitler, vond Brooks, is hem op een homerisch lachsalvo onthalen. Of - zo kun je ook zeggen - dit is New Yorkse joodse humor op zijn best.
[ "De Producers", productie Musical van Vlaanderen, regie Stany Crets met o.a. Jonas Van Geel, Koen Van Impe, Ann van den Broeck en Jan Van Looveren, nog tot 4 maart 20122 in Capitole Gent]
Johan Thielemans


