Het begint allemaal wat ongeloofwaardig, dus net als ons moet u flink beroep doen op de zogenaamde suspension of disbelief tijdens het eerste kwartier van ‘Une Bouteille à la Mer’. Het Israëlische meisje Tal maakt van dichtbij een aanslag mee, en wil haar gevoelens ventileren. Ze stopt een brief in een fles omdat ze nieuwsgierig is naar de Palestijnse jongeren waar ze van haar overheid geen enkel contact mee mag hebben. Een groep pubers in Gaza vindt haar oproep, en Naïm, de zachtmoedigste, meest intellectuele onder hen, stuurt haar toch maar eens een email (ondanks haar Middeleeuwse manier van corresponderen beschikt het meisje dus wel degelijk over een computer, gelukkig).
Tal en Naïm overwinnen vrij snel het wederzijdse wantrouwen en worden enthousiaste pennenvrienden. Zij vanop haar dure laptop in haar slaapkamer. Hij meestal van in cybercafés. Want niet alleen de religieuze en politieke verschillen tussen beiden worden aangekaart, ook de economische. Voor een deels Israëlische filmproductie is het bewonderenswaardig hoeveel aandacht er wordt besteed aan de droeve omstandigheden waarin de inwoners van Gaza noodgedwongen moeten overleven.
Naïm moet ook clandestien te werk gaan. Want als zijn vriendschap met een Israëlisch meisje, ook al is die maar virtueel, dreigt uit te komen, kan hij zijn plaats in de gemeenschap wel vergeten. Familierelaties zijn broos, ook voor Tal trouwens. Haar ouders zijn progressief, het zijn joden uit Parijs en allesbehalve religieuze extremisten. Maar enige vorm van begrip voor de Palestijnen, dat is echt teveel gevraagd.
Wraakroepend simpel
De scenarist-regisseur van ‘Une Bouteille à la Mer’, Thierry Binisti, maakt met weinig middelen heel rake observaties over de Palestijnse kwestie, en dan vooral over het feit dat aan beide kanten van het conflict geen plaats meer is voor nuance. Oorlog voeren moet je tegen àlle Palestijnen doen, ook de gematigden en vredelievenden, zo wordt in Jeruzalem gepreekt. En vice verse even goed, natuurlijk. De keuze is wraakroepend simpel: "Us or them", zegt één van de personages.
De constante dreiging van aanslagen wordt heel tastbaar gemaakt, ook al was er duidelijk geen budget om grote explosies in beeld te brengen. In een bepaalde scène weet Binisti met slechts één tank een gehele oorlog te evoceren.
‘Une Bouteille à la Mer’ biedt hoegenaamd niet de ultieme cinema over het Israëlisch-Palestijnse probleem, maar die pretentie heeft Binisti dan ook niet. Vertrekkend vanuit een onwaarschijnlijke premisse brengt hij heel eenvoudig, maar heel effectief, de onmenselijkheid van de situatie voor de inwoners van zowel Gaza als Jeruzalem in kaart. Het is niks om vrolijk van te worden, want de film eindigt allesbehalve hoopvol. Maar het is wel een film die de kijker bijblijft, en die de personages, de mensen die elke dag in voor ons ondenkbare situaties wakker worden, in hun waarde laat.
Ward Verrijcken
['Une Bouteille à la Mer' - Regie: Thierry Binisti met o.a. Agathe Bonitzer, Hiam Abass en Mahmoud Shalaby. Frankrijk, 2012]


