De nieuwe roman van Andrew Miller heet “Pure”. Met dat boek won hij eergisteren de Costa Book Award 2012. Miller situeerde zijn eerste twee romans in de 18de eeuw. Nu doet hij dat opnieuw. “Pure” is het verhaal van een Franse ingenieur die, niet zo lang voor het uitbreken van de Franse Revolutie, een oud Parijs kerkhof moet saneren. Hij wordt ondanks zijn tobberige natuur en zijn twijfels de heraut van een nieuwe tijd. Betekent Jean-Baptiste niet Johannes de Doper?
Een stinkend knekelhof
Jean-Baptiste Baratte is een jonge ingenieur, een wegen- en bruggenbouwer uit een Normandische boerenfamilie. Op een dag wordt hij door de minister naar het koninklijke paleis in Versailles ontboden. Het vuile labyrint van gangen en wachtzaaltjes belooft niet veel goeds. Baratte krijgt de opdracht om het Cimetière des Innocents, het kerkhof en de bijhorende verlaten kerk in hartje Parijs (het huidige Les Halles), te slopen en te saneren. Het kerkhof telt vele, meters diepe massagraven gevuld met slachtoffers van opeenvolgende epidemieën. Ingestorte muren en knekels in de kelders van aanpalende huizen vragen om maatregelen. De buurt leeft gedrenkt in een pestilente lucht die in kleren en lichamen kruipt.
Schaduwen en geweld
Baratte gelooft in vooruitgang en wetenschap, leest Voltaire en Buffon, en herinnert zich Valenciana. Dat was de utopische stad die hij zich jaren geleden, samen met zijn vriend Lecoeur tijdens zijn verblijf in Valenciennes had gedroomd. In werkelijkheid is het een gore mijnstad waar hij met de hulp van zijn vriend een groep Vlaamse mijnwerkers rekruteert. Hun onbegrijpelijke taal en dierlijkheid schrikken hem af. Maar ze zijn wel geschikt voor het harde en vuile werk op het kerkhof, dat door Miller zeer suggestief wordt beschreven.
Jean-Baptiste Baratte leert een Parijs in clair obscur kennen, een stad van hoeren en wasvrouwen, opstandige burgers en subversieve acteurs. Er is een corrupte entrepreneur en er dwaalt een gekke priester rond, die de gesloten en tot afbraak gedoemde kerk niet wil verlaten. De wijk baadt in een dreigende en spookachtige sfeer van samenzwering en geweld. Mensen verlangen tegelijk naar vernieuwing en zuivering en blijven irrationeel gehecht aan hun oude omgeving.
Een twijfelende rationalist
Het oude stinkende kerkhof en de donkere, kille kerk staan uiteraard voor het gehate en bankroete Ancien Régime. Andrew Miller schuwt de symboliek niet. Zijn held wordt “la bêche” genoemd, de schop die de boel zal zuiveren. Hij verschijnt aldus incognito en tegen wil en dank in opruiende graffiti over de hele stad. Een vriendelijke dokter die hem bij het ruimen helpt en skeletten en verzeepte lijken bestudeert heet unheimlich en profetisch docteur Guillotin.
Toch is Baratte geen revolutionair. De onderbuik van het protest stoot hem af. Zijn vriend Armand is dat wel. Hij is de organist van de kerk, gehecht aan het orgel dat op afbraak wacht. Armand verlangt, in tegenstelling tot Baratte, onvoorwaardelijk naar de toekomst “wat die ook brengt”, verkiest het licht boven de donkere kerk, ook al stond daar zijn geliefde instrument. Baratte daarentegen is een twijfelaar die zich elke avond bij wijze van gebed de vraag stelt “Wie ben ik?” en geen radicale conclusies wil trekken. Hij wantrouwt zijn eigen destructieve kanten en beseft dat de nakende revolutie bij velen die donkere kant zal wekken. Hij blijft ondanks zijn vooruitgangsgeloof de zoon van een Normandische boer en van een Calvinistische moeder. Als hij de kamer met een priester moet delen, schikt hij zich. “Hij wil niet bidden, verklaarde zich liever filosoof, rationalist en vrijdenker, maar voegt zijn amens aan die van de priester toe en voelt daar een oude voldoening bij.”
Een meester van de sfeer
Andrew Miller schreef met “Pure” een verzorgde en spannende roman, met een vaart die bij de onvoltooid tegenwoordige tijd hoort, en met veel sfeer die soms vaag, spookachtig en onbepaald is. Net als Jean-Baptiste Baratte zijn vele andere figuren eerder suggestief dan duidelijk omlijnd. Het beeld van dit Parijs, tussen immobilisme en vitaliteit, tussen verleden en toekomst, blijft bij de lezer hangen. Toch was ik na afloop benieuwd wat een schrijver als Thomas Rosenboom van dit gegeven had gemaakt.
Johan De Haes
["Pure" - Andrew Miller. Sceptre Hardback, 2012]


